POLAR

POLAR-studie

In Nederland worden jaarlijks ongeveer 250 kinderen geboren met een kritische aangeboren hartafwijking.1 Als er geen medische interventie plaats vindt, overlijden deze kinderen binnen hun eerste levensmaand. Om het risico op sterfte en hersen- en orgaanschade te verlagen, is het belangrijk om deze hartafwijkingen zo vroeg mogelijk op te sporen. De helft van de kritische aangeboren hartafwijkingen wordt ontdekt met de 20-weken echo.2 Na de geboorte worden de afwijkingen vaak niet direct ontdekt, omdat ernstige symptomen als hartfalen en ernstige meestal enkele dagen later ontstaan, bij het sluiten van de ductus arteriosus (Botalli).

Buitenlandse studies hebben aangetoond dat saturatiemeting een betrouwbare en kosten-effectieve methode is om neonaten te screenen op hartafwijkingen.3 De screening wordt momenteel uitgevoerd in veel landen en vindt dan plaats in het ziekenhuis, meestal 12-48 uur na de geboorte. De kosteneffectiviteit, sensitiviteit en specificiteit van de screening in het unieke Nederlandse zorgsysteem met eerstelijns bevallingen en vroeg ontslag na ongecompliceerde klinische partus is echter onbekend. De POLAR studie, ofwel de Pulse Oximetry Leiden Amsterdam Regional screening Study, onderzoekt deze (kosten)effectiviteit in het Nederlandse systeem. Hiervoor is het internationale protocol aangepast aan de aanwezigheid van eerstelijns verloskundigen. Dit protocol is reeds een jaar gepilot in eerste, tweede en derde lijn van de Leidse regio (POLS-studie4

Wat houdt deelname in voor eerstelijns verloskundigen?
Bij de POLAR-studie worden neonaten in zowel de eerste, tweede als derde lijn gescreend. Hierbij vindt een saturatiemeting plaats in de eerste uren na de geboorte (minimaal één uur post partum) en op levensdag twee of drie. Alle deelnemende eerstelijns verloskundigen (en waarneemsters) krijgen hiervoor een draadloze saturatiemeter en de meting wordt verricht aan de rechter hand (pre ductaal) en aan één van de voeten (post ductaal). Alle metingen worden ingevoerd in een online database. Als de meting afwijkend is, wordt het kind ingestuurd naar het ziekenhuis voor beoordeling door een kinderarts. Als de zuurstofsaturaties afwijkend blijven, wordt een echo van het hart gemaakt.

Uit de POLAR-studie moet blijken of de screening ook standaard in Nederland zou moeten worden uitgevoerd.

Meer informatie over de POLAR-studie kunt u vinden op www.polarstudie.nl

 Referenties
1.University of Groningen UMCGE. Registration Northern Netherlands, Department of Genetics, Groningen, the Netherlands .
2.van Velzen CL, Clur SA, Rijlaarsdam MEB, Bax CJ, Pajkrt E, Heymans MW, et al. National screening program in the Netherlands significantly improves prenatal detection of congenital heart disease. 2013.
3.Thangaratinam S, Brown K, Zamora J, Khan KS, Ewer AK. Pulse oximetry screening for critical congenital heart defects in asymptomatic newborn babies: a systematic review and meta-analysis. Lancet 2012;379:2459-64.
4. Narayen IC, Blom NA, Verhart MS, Smit M, Posthumus F, van den Broek AJ, et al. Adapted protocol for pulse oximetry screening for congenital heart defects in a country with homebirths. Eur J Pediatr 2014.